|
2 Keer per jaar melden zich tijdens de open dag van RV Breda ongeveer 20 aspirant leden, die opgeleid willen worden voor het S1 roei-examen. Het kostte de instructiecommissie steeds meer moeite om al die aspirantleden onder te brengen bij een instructeur. Van instructeurs werd verwacht dat zij liefst 2x per week beschikbaar waren om hun pupillen te instrueren. Ze maakten zelf afspraken met de hen toegewezen pupillen en waren in feite vrij om de roei-instructie naar eigen goeddunken te geven.
Ca. een half jaar geleden vernamen enkele bestuursleden via hun landelijke contacten dat de Goudse Roei- en Zeilvereniging de roei-instructie volgens een geheel ander, maar zeer succesvol, concept had opgezet. E.e.a was reden om daarover wat meer te weten te komen en ondertussen met de aspirantengroep van september 2010 op proef vast te starten met instructie volgens de Goudse methode. Herman Jagtman, coordinator opleidingen van de Goudse Roei- en Zelvereniging is op verzoek van de instructiecommissie van de RV Breda op 12 oktober aan eenieder die daarvoor belangstelling had komen uitleggen hoe de Goudse methode in elkaar steekt. Bij de Goudse wordt op een vaste dagen en tijden gewerkt met 2 parallelgroepen van aspiranten. In de zomer zijn dat voor beide groepen 2 roeimomenten per week, in de winter 1 per week. De inhoud van de roeilessen is per les uitgewerkt en aan dit vaste stramien wordt gedurende 3 “blokken” van ca. 12 lessen strak vastgehouden. Het eerste blok komt vooral de roeihaal aan bod, in het tweede blok ligt de nadruk op sturen (gezien het roeiwater ter plaatse zeer belangrijk) en het opdoen van routine en het derde blok kan per roeier wat meer maatwerk geleverd worden. Bij elke les horen doelstellingen qua roeitechniek, maar ook enkele commando’s en aspecten van de bootbehandeling. Per les is aangegeven in welk boottype geroeid wordt (iha C4 of C2). Tijdens het opleidingstrajct wordt een aantal keren gebruik gemaakt van video-opnames en de examencommssie komt twee keer een les bijwonen. Doel is bij deze basisroeitraining niet om technisch volmaakt te leren roeien, maar om na een half jaar in staat te zijn veilig en met een redelijk goede roeihaal het water op te kunnen, wat bij de grote meerderheid van de aspiranten ook lukt. Daartoe wordt na elke les door aspiranten en instructeurs samen een observatieformulier ingevuld waarop aangetekend wordt welke zaken beheerst worden en waar nog aan gewerkt moet worden. Op deze formulieren wordt de volgende les voortgeborduurd. Zo wordt van de aspiranten en dossier opgebouwd, waardoor steeds duidelijk is, welke aspecten extra aandacht behoeven en ook inzichtelijk is, wanneer zij toe zijn aan de “schouw” (vergelijkbaar met het S1-examen bij ons). De instructie wordt gegeven door een pool van instructeurs, van wie er tijdens de instructie-momenten een aantal aanwezig is. De aspiranten worden is steeds wisselende groepjes over de aanwezige instructeurs verdeeld, die tevoren vertrouwd zij gemaakt met het systeem. Herman Jagtman noemt als voordelen van dit systeem: • De aspiranten worden geconfronteerd met steeds wisselende instructeurs, die allemaal hun sterke kanten, maar ook hun blinde vlekken hebben. • De instructeurs werken als groep. Dat heeft het grote voordeel dat ze ook van elkaar kunnen leren en elkaar om advies kunnen vragen. • De aspirantengroep leert elkaar goed kennen. Dat geeft zo’n band, dat aspirantengroepen na ook het basisroei-examen soms een vast roeimoment afspreken waarop ze in wisselende ploegjes met elkaar het water op gaan. • Anderzijds vindt men in een aspirantengroep van ca. 20 mensen altijd wel een aantal mensen met hetzelfde talent en ambitieniveau, wat het vormen van vaste ploegjes, zo daar behoefte aan is, makkelijker maakt. • Doordat met een pool van instructeurs gewerkt wordt, is het systeem minder kwetsbaar als een instucteur eens verstek moet laten gaan. Via een internet-afspraaksysteem wordt gezorgd dat op elk instuctie-moment voldoende instructeurs beschikbaar zijn. • De roei-instructie vindt plaats tijdens de wat “stillere” uren (in het weekend om 11.30 uur) wat drukte op het vlot en concurrentie om boten voorkomt. De “schouw” wordt afgenomen door een aantal instructeurs samen met leden van de examencommissie. Omdat dan al uit het instructiedossier is gebleken dat de kandidaat alle belangrijke aspecten beheerst, wordt deze schouw bij de Goudse meer gezien als leermoment voor de instructeurs (door feedback vanuit de examencie.) dan als examen voor de aspiranten. Het opleidingsseizoen bij de Goudse eindigt met een feest, dat door de aspiranten wordt aangeboden aan de instructeurs. Daarbij worden plechtig de certificaten, behorend bij het basisroeidiploma, uitgereikt. Een andere methode om het voor instructeurs aantrekkelijk te maken is het aanbieden van de KNRB-instructeursopleiding aan belangstellenden, mits die voor tenminste 2 jaar toetreden tot de instructeurspool. Hoewel RV Breda nog niet de gehele opzet van de Goudse roei-instrutie heeft overgenomen, werken we nu ook met 2 parallelgroepen die op vaste tijden instructie krijgen. Gezien de goede ervaringen wordt er sterk over gedacht om meer aspecten van het Goudse model over te nemen. Voor de aanwezigen op 12 oktober was het een inspirerende avond en de RV Breda mag blij zijn dat Herman Jagtman deze avond voor ons had vrijgemaakt! Belangstellenden verwijs ik naar de website van de Roei- en Zeilvereniging Gouda, waar veel materiaal over roei-instructie te vinden is. Dirk Thijssen, lid instructiecommissie RV Breda |